Artikel

Uw minderjarige patiënt heeft ouders die in (v)echtscheiding liggen: waar let u op?

  • 9 september 2021
  • Leestijd 5 min

Neemt u een minderjarige in behandeling waarvan de ouders in een (v)echtscheiding zijn verwikkeld? Onvrede, verstoring van de behandelrelatie en zelfs een klacht liggen in deze situatie vaker op de loer. Tuchtcolleges verwachten van alle zorgverleners dat zij de (juridische) regels kennen en volgen. Lees hier meer over die regels en hoe u ze toepast.

De casus

Janneke Van Houten ligt in scheiding en vraagt een psycholoog of deze haar minderjarige zoon Milo wil begeleiden. Milo heeft last van een loyaliteitsconflict naar zijn vader en zijn moeder. Volgens Janneke is de vader, Wim van Houten, ook akkoord.

Mag u als zorgverlener, zonder zelf contact op te nemen met Wim, een intakegesprek inplannen? En, stel dat u dat doet en de vader na de intake vraagt om een kopie van het verslag. Bent u dan verplicht die te verstrekken?

Wet en regelgeving

Op de behandelrelatie zijn onder meer de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) en de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) van toepassing. Deze wetten zijn uitgewerkt in richtlijnen, beroepscodes en tuchtrechtelijke jurisprudentie. Zo is de KNMG-richtlijn ‘Toestemming en informatie bij behandeling van minderjarigen’ van toepassing. Deze geldt ook voor psychologen.

In de praktijk

Toestemming voor de behandelijk

Wie moet toestemming geven voor de behandeling van de minderjarige? Het antwoord op die vraag is afhankelijk van de leeftijd van het kind en bij wie het ouderlijk gezag ligt. Gaat het om een (wilsbekwaam) kind van 12 jaar waarvan beide ouders het gezag hebben, dan is - naast de toestemming van het kind - in principe de toestemming van beide ouders nodig. De KNMG-richtlijn ‘Toestemming en informatie bij behandeling van minderjarigen’ geeft aan dat de arts ervan uit mag gaan dat een gezagdragende ouder die op het spreekuur verschijnt, ook mede namens de andere gezagdragende ouder spreekt. Ook als er sprake is van een echtscheiding. Heeft de arts echter aanwijzingen dat de andere ouder een andere mening heeft, dan moet hij deze ouder ook expliciet om toestemming vragen.

In een problematische scheidingssituatie mag niet worden afgegaan op de mededeling van de ene ouder dat de andere ouder akkoord gaat met de behandeling. Bijvoorbeeld als er eerder een rechtszaak is gevoerd over de omgangsregeling, dan moet de psycholoog de andere ouder zelf benaderen. Volgens tuchtrechtelijke uitspraken zelfs voordat een intake plaatsvindt.

Als het kind in de leeftijdscategorie van 12 tot 16 jaar valt, is er wel een uitweg. Blijft het kind namelijk de behandeling weloverwogen wensen ondanks de weigering van een ouder, dan mag de psycholoog toch een behandelrelatie aangaan.

Praktische tips

  1. Zorg ervoor dat u op de hoogte bent van de juridische regels die van toepassing zijn.
  2. Bespreek in de intakefase met het kind én de ouders wat uw rol en functie is en leg dat vast.
  3. Maak in de beginfase afspraken met het kind, de ouders en eventueel andere betrokkenen over het uitwisselen van informatie, de dossiervoering en wie wanneer recht heeft op welke informatie (en leg dat vast).
  4. Als het volgen van de regels en/of afspraken in strijd is met het belang van het kind, overleg dan met een jurist hoe daar mee om kan worden gegaan.

Informatie-uitwisseling en dossiervoering

Na het regelen van toestemming, is het belangrijk om met het kind en de ouders af te spreken wie welke informatie krijgt, hoe de dossiervorming plaatsvindt (met name als ook de ouders bij de behandeling worden betrokken) en wie de rechten met betrekking tot dat dossier mag uitoefenen.

Zo heeft bijvoorbeeld een ouder van een kind tot 12 jaar recht op een kopie van het dossierdeel van het kind, maar kan het zijn dat dat in strijd komt met goed hulpverlenerschap (c.q. het belang van het kind). Als de psycholoog het kind toezegt dat hij dingen kan vertellen die niet aan de ouders worden doorgeleid, dan moeten die zaken niet alsnog via een dossierverzoek bij de ouders terecht kunnen komen. Maar dan moeten die ouders zich daar ook van bewust zijn. In beginsel hebben zij immers recht op een kopie van het dossier.

Een andere veel voorkomende vraag gaat over gesprekken die met ouders afzonderlijk worden gevoerd. Heeft de ene ouder dan recht op het verslag van het gesprek met de andere ouder? Of in het geval van mailcontact; mag een ouder de psycholoog vertrouwelijk mailen? Het antwoord is dat de ene ouder geen recht heeft op het inzien van mails of gespreksverslagen van de andere ouder, tenzij daarover afwijkende afspraken zijn gemaakt.

Soms zijn ook anderen bij het kind betrokken, denk aan pleegouders. Hoe wordt daar dan mee omgegaan? Om onduidelijkheid en onvrede te voorkomen, is het goed om in de beginfase met de betrokkenen afspraken te maken over de informatie-uitwisseling en het dossier.

De behandeling

Ook is het raadzaam om de doelen en middelen van de behandeling vooraf duidelijk vast te leggen. Bij voorkeur in een behandelplan, dat aan beide ouders wordt voorgelegd. Het komt bijvoorbeeld voor dat een ouder, die van mening is dat er sprake is van ouderverstoting, de psycholoog later verwijt niet aan waarheidsvinding te hebben gedaan en/of partij te hebben gekozen. Het tijdig bespreken van de rol en functie van de psycholoog kan onvrede daarover voorkomen.

Tijdens de behandeling kunnen er ook uitingen worden gedaan of signalen zijn die de psycholoog zorgen baren. Dat kan voor de psycholoog aanleiding zijn om een melding te doen bij Veilig Thuis of om te overleggen met de huisarts. Of de gezinsvoogd die zich zorgen maakt neemt contact op met de psycholoog. In verband met de beroepsgeheimregels is het van belang om te weten wat dan mag. En soms zelfs moet. Bijvoorbeeld in het kader van de Meldcode Kindermishandeling en Huiselijk Geweld. Meer hierover leest u in de praktijkcasus Informatieverstrekking aan Veilig Thuis bij een vermoeden van kindermishandeling.

Een van de ouders vraagt ook wel eens om een kopie van het dossier of om een verklaring ten behoeve van een gerechtelijke procedure tegen de andere ouder. In het laatste geval mag een behandelaar wel een feitelijke verklaring afgeven, mits de geheimhoudingsregels in acht worden genomen. Een zogenaamde geneeskundige verklaring afgeven, mag niet. Dat is een verklaring met een waardeoordeel. Bijvoorbeeld dat het kind beter bij één van de ouders kan wonen met een omgangsregeling met de andere ouder in plaats van co-ouderschap. Een ouder heeft, zonder toestemming van het kind, niet zondermeer recht op een kopie. Dat is leeftijdsgebonden. Een wilsbekwaam kind van 12 jaar en ouder moet toestemming geven. De andere ouder moet ook toestemming geven als een gespreksverslag met de andere ouder onderdeel van het dossier uitmaakt.

Afsluiting van de behandeling

Als de behandeling wordt afgesloten, dan speelt de vraag of een afsluitend verslag wordt opgemaakt en wie dat dan krijgt. Wordt het aan de ouders en bijvoorbeeld de verwijzer (vaak de huisarts) toegezonden? Dit kan al in het behandelplan zijn verwerkt, maar dan moet wellicht (afhankelijk van de omstandigheden) aan de ouders en het kind nog steeds een conceptverslag ter goedkeuring worden voorgelegd.

Meer informatie

Veilig Thuis vraagt u informatie: wat te doen en wat niet?KNMG: rechten minderjarigen

Vragen?

Neem voor meer informatie hierover contact met ons op. Wij helpen u graag. De Juridische servicedesk is bereikbaar op werkdagen tussen 8.00 en 17.30 uur.

Juridische servicedesk
030 247 49 99
Bel ons

Meer lezen?

Een zorgbestuurder overlegt met collega's.Juridisch
Juridisch
17 november 2022
  • 17 november 2022
  • Leestijd 3 min

Persoonlijk aansprakelijk als zorgbestuurder: kan dat?

Kun je als zorgbestuurder tuchtrechtelijk aansprakelijk zijn? Het korte antwoord is ‘ja’, maar dit ligt helemaal aan de situatie.