Waarom u eens op spreekuur moet bij uw patiënt

Voor de zorg van morgen moet niet de aandoening of ziekte centraal staan, maar gezondheid in de breedste zin van het woord. De vraag is hoe we zorg zo organiseren dat de patiënt ook werkelijk waarde ervaart.

Never waste a good crisis

Een groeiende zorgvraag, steeds verder stijgende kosten en steeds minder mensen om die zorg te leveren. De maatschappelijke crisis tekent zich af. Vooral de toename van het aantal mensen met complexe en meervoudige chronische aandoeningen staat op gespannen voet met de huidige versnipperde organisatie van zorg. Kritische geluiden over de ‘verantwoordingsindustrie’ in de gezondheidszorg vragen om nieuwe ontschotte organisaties van zorg.

De patiënt of mens centraal?

Het mantra van ‘patiënt centraal’ wordt beschouwd als de sleutel tot ontschotting. Een mooie belofte, maar die is in de praktijk vaak ver te zoeken. Logisch, want het woord patiënt geeft het al aan: iemand in een afhankelijke positie met beperkte keuzemogelijkheden. Zorgverleners weten immers wat goed is voor iemand in nood. En dat is maar goed ook, want in een levensbedreigende situatie zit u niet te wachten op een gezamenlijk besluitvormingsproces. Vanuit het perspectief van mensen met een chronische aandoening ligt dit echter anders. Zij moeten zelf hun aandoening zien in te passen in hun dagelijks leven (mensen met een chronische aandoening hebben gemiddeld 0,25% van hun tijd contact met een zorgverlener, de overige 99.75% dienen ze letterlijk zichzelf te managen). En laat dat nu net de crisis van morgen zijn. Dit vraagt om een ander perspectief, waarbij niet zozeer de ziekte als wel de gezondheid en de ervaren waarde van het zorgproces centraal staat. In dit verband spreek ik over mensgerichte zorg, waarbij somatische, cognitieve, emotionele, gedragsmatige, spirituele, sociale en economische factoren in samenhang worden beschouwd. Deze benadering staat ook centraal in de definitie van gezondheid van Machteld Huber. Ondanks het feit dat we al sinds jaar en dag weten dat een mens niet uit stukjes bestaat, hebben we ons zorgaanbod toch op aandoeningenniveau georganiseerd. Een mensgerichte benadering vraagt juist om een integraal zorgaanbod over de hele keten van preventie, zorg en welzijn.

Op de verschillen na is iedere patiënt hetzelfde

Dit vraagt andere competenties van de betrokken beleidsmakers, bestuurders en zorgverleners. Zoals het kunnen redeneren vanuit gezondheid, een preventie-blik en kunnen samenwerken over disciplinaire en institutionele kaders heen. Maar de grootste uitdaging zit in het kunnen omgaan met verschillen. Het achterliggende idee van een integrale aanpak is dat de gezondheidszorg wordt beschouwd als een complex systeem dat zich aanpast aan lokale omstandigheden. Dit staat haaks op de huidige (ziekte-specifieke) verantwoordingsindustrie waarin we ervan uitgaan dat we de zorg als een machine kunnen organiseren. Helaas zijn de huidige richtlijnen en protocollen veelal gebaseerd op dit Porteriaans gedachtegoed. En laten we eerlijk zijn: we zijn allemaal gevoelig voor dit lineaire denken. Het impliceert immers voorspelbaarheid en controle. Maar deze aanpak is in de praktijk ontoereikend omdat zij gezondheidsproblemen verengt tot biomedische factoren, zonder in te gaan op de achterliggende problematiek. En juist die vraagt om het kunnen omgaan met variatie. Want dé patiënt bestaat niet. Het betekent niet alleen beoordelen op (kosten)effectiviteit, maar ook beoordelen of een behandeling echt iets toevoegt voor degene om wie het gaat. Dit vraagt een radicaal andere mind-set van betrokken onderzoekers, beleidsmakers, bestuurders en zorgverleners. Misschien is dit het moment met alle betrokkenen (dus ook de patiënt) de discussie aan te gaan over de verantwoordingsindustrie en de schijnzekerheid van de eigen lineaire standaarden en protocollen, voordat verantwoordelijkheden worden afgeschoven?

‘Wat zijn uw klachten?’ versus ‘wat vindt u belangrijk?’

In de kern gaat het erom of de patiënt ook daadwerkelijk meerwaarde ervaart van een bepaalde behandeling, interventie of medicijn. De Triple Aim geeft niet voor niets aan dat we moeten beginnen met de ‘patient experience of care’. Dit betekent dus dat we verder moeten kijken dan onze huidige klinische en financiële parameters. Hoe past u dit morgen toe in uw praktijk of organisatie? Door aan uw patiënt niet te vragen wat zijn uw klachten?, maar wat vindt u belangrijk? Kortom, ga eens op spreekuur bij uw patiënt! Wilt u weten hoe u dit in uw organisatie of praktijk of realiseert? Wij staan open voor uw vragen.