Een sterkere keten, minder ongeruste patiënten

Elkaar versterken in de keten, door samenwerking en vertrouwen. Dat is voor mij de rode draad in substitutie. De huisarts ziet veel verschillende gevallen: in de eerste lijn is de diversiteit groot. De specialist heeft nu te veel, ook onnodige verwijzingen, en daardoor soms te weinig gespecialiseerde problematiek. Daar zie je meteen de kracht van substitutie.

Want als de eerste lijn meer niet-complexe zorgtaken gaat uitvoeren die nu nog in de tweede lijn worden uitgevoerd, snijdt het mes aan twee kanten. Huisartsen verbreden hun generalistische propositie. Patiënten kunnen ook bij hun vertrouwde praktijk terecht voor een echografie, voor het plaatsen van een spiraaltje, voor uitstrijkjes – onderzoeken die gaan toenemen in de toekomst wegens vergrijzing en uitgebreidere screening. Maar wel tegen eerstelijns tarieven.

Specialisten zien vervolgens alleen nog de echt complexe patiënten. Daarmee kunnen zij zich nog meer specialiseren, hetgeen de performance en de efficiency ten goede komt.

Voor patiënten betekent dit ook een verbetering. Niet alleen in de zorg, die dichterbij kan worden verkregen. Zelf ben ik geïnspireerd door contacten met patiënten die zich zorgen maakten om hun gezondheid en van daaruit bij een specialist terecht kwamen. Dit had voorkomen kunnen worden als de huisarts meer expertise binnen de praktijk had gehad op dit specifieke deelgebied. Substitutie maakt precies dat mogelijk. Het bespaart de patiënt een hele hoop ongerustheid – nog los van het geld dat hiermee wordt bespaard.

Het resultaat? Bijvoorbeeld een gynaecologisch georiënteerde huisarts, die casussen verzamelt en bespreekt met de gynaecoloog dichtbij, een nurse practitioner die spiraaltjes plaatst en geruststellende echo’s maakt in de praktijk, en de inzet van specialistisch verpleegkundigen die de brug slaan en contacten onderhouden.

Substitutie is wat mij betreft dan ook meer dan een brede maatschappelijke taak, die eerste en tweede lijn en zorgverzekeraars gezamenlijk hebben om de kosten in de gezondheidszorg te beheersen en de besteding van publiek geld te verantwoorden. Het maakt een integrale zorg mogelijk zonder tussenschotten, waar de patiënt van profiteert.



Erica Bakkum is werkzaam als gynaecoloog bij het OLVG in Amsterdam. Zij bekleedt diverse nevenfuncties, waaronder het voorzitterschap van de business-unit Gynaecologie/Verloskunde van het OLVG.