Inloggen

Online inzage: bent u er als huisarts op voorbereid?

27 januari 2020 - Vanaf 1 juli 2020 is het wettelijk verplicht om patiënten elektronische inzage in hun eigen gegevens te bieden. Het recht op online inzage is vastgelegd in de ‘Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg' (Wet abvz). Een Nederlandse wet die een aanvulling is op de Europese privacyregels (AVG). Het programma OPEN helpt huisartsen en huisartsenorganisaties deze ontwikkeling mogelijk te maken
 

Wat betekent het voor de patiënt?

Online inzage stimuleert het zelfbeschikkingsrecht van de patiënt. De betrokkenheid bij en regie over de eigen gezondheid neemt hierdoor toe met positieve gevolgen voor zelfzorg en zelfmanagement. Online inzage stelt de patiënt bovendien in staat om de kwaliteit en zorgvuldige verwerking van gegevens te bewaken en optimaal gebruik te maken van zijn rechten m.b.t. het dossier.

Wat betekent het voor de huisarts?

Online inzage kan gevolgen hebben voor de behandelrelatie met uw patiënten. Zo moet u er rekening mee houden dat meer patiënten u vragen gaan stellen bij onduidelijkheden in het dossier of als zij het niet eens zijn met uw verslaglegging. Hoe gaat u hiermee om? En wat kunt u doen als u online inzage schadelijk acht voor de patiënt? Annemarie Smilde, jurist gezondheidszorg bij VvAA, schetst het juridisch kader voor huisartsen rondom online inzage in het patiëntendossier. Zij licht aan de hand van praktijkgevallen toe welke impact het recht op online inzage in combinatie met andere rechten kan hebben op de behandelrelatie.

Richtlijn Online inzage 

Van belang is de uitwerking van de online inzage in de Richtlijn Online inzage in het H-EPD van de NHG, die tot stand gekomen is in nauw overleg met de Patiëntenfederatie Nederland. Deze richtlijn bepaalt welke informatie in het dossier online inzichtelijk moet zijn. Het uitgangspunt is dat het alleen gegevens betreft, die noodzakelijk zijn voor actuele zorg. U kunt de actuele ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’ raadplegen op de website van de NHG.

Andere rechten van de patiënt en vertegenwoordigers 

Patiënten en hun vertegenwoordigers hebben op grond van de Europese privacywet, de AVG en de WGBO ook rechten met betrekking tot hun dossier, zoals het recht op inzage/ afschrift van het dossier, aanvulling en correctie van gegevens, het recht om een aanvullende verklaring te laten opnemen in het dossier en het recht op vernietiging. Naar verwachting zal de mogelijkheid van online inzage leiden tot een toename van het gebruik van genoemde rechten. De praktijk van VvAA laat zien dat zorgverleners, onder wie huisartsen, nu al geregeld te maken hebben met verzoeken tot het verwijderen van gegevens uit het dossier. Het is dan ook van belang te weten hoe hier mee om te gaan. 

Recht op vernietiging van gegevens uit het patiëntendossier

Het recht om gegevens uit het dossier te verwijderen, ook wel vernietigingsrecht genoemd, is geregeld in de WGBO. Patiënten beroepen zich ook nog wel eens op het wissen of recht op vergetelheid van de AVG. Maar de regeling van de WGBO gaat vóór die van de AVG. Patiënten vragen nog al eens om passages uit hun dossier te halen, wanneer een arts deze niet wil aanpassen. Ook komt het voor dat patiënten informatie uit het dossier verwijderd willen zien vanwege mogelijk nadelige gevolgen van het gebruik van het dossier voor een ander doel. U moet aan een vernietigingsverzoek voldoen, tenzij er sprake is van een in de wet genoemd uitzondering of wanneer vernietiging in strijd is met zogenoemd goed hulpverlenerschap. 

Wettelijke uitzondering
Een voor de huisartsenpraktijk relevante wettelijke uitzondering op het vernietigingsrecht doet zich voor als het belang van een ander zwaarder moet wegen dan het belang bij vernietiging van het dossier. Zo mag u een verzoek tot vernietiging weigeren als u het dossier nodig hebt voor het verweer tegen een klacht of een claim. U moet hiervoor dan wel concrete aanwijzingen hebben. Ook medische gegevens betreffende erfelijke aandoeningen, die de voor familie van patiënt van belang kunnen zijn, vallen onder deze uitzondering. 

Uitzondering goed hulpverlenerschap
Genoemde uitzondering van goed hulpverlenerschap staat niet expliciet in de WGBO, maar is wel vastgelegd in de Richtlijn van de KNMG inzake het omgaan met medische gegevens. Het goed hulpverlenerschap kan onder meer een verwijdering van informatie in de weg staan, als deze betrekking heeft op een vermoeden van kindermishandeling. Of wanneer u van oordeel bent dat u bij vernietiging van gegevens geen goede zorg meer kunt verlenen. Voor een beroep op goed hulpverlenerschap in het laatste geval is vereist dat u de belangen zorgvuldig afweegt, uw beslissing motiveert en uiteraard noteert in uw dossier.

Reactietermijn aanvraag
U moet binnen 1 maand een reactie geven op een verzoek tot vernietiging van gegevens uit het dossier. U kunt deze termijn met maximaal twee maanden verlengen, mits u dit binnen 1 maand heeft laten weten aan de patiënt.

Blijf in gesprek 
Een verzoek tot vernietiging van gegevens uit het dossier plaatst u vaak voor een lastig dilemma. U hebt immers belang bij een dossier, waarin alle informatie staat, die u en anderen die gebruik maken van uw dossier, nodig hebben om goede zorg te kunnen verlenen. Het advies is dan ook bij een vernietigingsverzoek uitleg te geven over het belang van het dossier voor goede zorgverlening en de patiënt te attenderen op de risico’s als u zelf en andere zorgverleners geen goed of volledig beeld hebben van zijn medische situatie. Anderzijds hebt u belang bij een goede vertrouwensrelatie. Vraag daarom altijd door naar de reden voor het verzoek en ga na of er een alternatief is voor de vernietiging, dat aansluit bij de behoefte van de patiënt. Bijvoorbeeld het opnemen van de zienswijze van de patiënt in het dossier.

Praktische tips afhandelen verzoek
Als patiënt bij zijn verzoek blijft en de uitzonderingen zijn niet van toepassing, dan bent u verplicht het verzoek in te willigen.
  • Geef duidelijk aan dat er gegevens verwijderd zijn uit het dossier (niet welke gegevens), zodat voor anderen zichtbaar is dat het dossier niet volledig is.
  • Bewaar de schriftelijke bevestiging van het verzoek tot vernietiging buiten het dossier.
  • Bewaar de aantekeningen betreffende de afwikkeling van dit verzoek, met daarin uw afweging.

Op basis hiervan kunt u aantonen dat uw dossier incompleet is ten gevolge van een verzoek tot vernietiging en zo nodig hierover verantwoording afleggen. 

Wettelijke vertegenwoordiging

Het recht op online inzage bij minderjarige patiënten onder de 12 jaar en meerderjarige patiënten, die wilsonbekwaam zijn, komt toe aan hun wettelijke vertegenwoordigers. Bij kinderen van 12 tot 16 jaar hebben ouders met gezag alleen inzage, als de kinderen hiervoor expliciet toestemming hebben gegeven.

Beperking inzage dossier voor ouders met gezag

In bepaalde situaties, bijvoorbeeld vechtscheidingen, kan online inzage in het volledige dossier van een minderjarige (van 0 tot 16 jaar) door een gezagdragende ouder naar uw oordeel in strijd zijn met het belang van het kind. Bij kinderen van 12 tot 16 jaar is ook de intrekking van de toestemming voor online inzage door de ouders een optie. Maar voor kinderen is dat in het algemeen nogal een stap om de ouders de inzage te ontzeggen. 
De WGBO biedt u in zo’n geval de mogelijkheid de inzage te beperken met een beroep op het zogenoemde goed hulpverlenerschap.

Als ouders online inzage hebben, is het van belang dat het dossier voorziet in de mogelijkheid om informatie af te schermen voor ouders, als u dit nodig acht vanwege het goed hulpverlenerschap, namelijk ter bescherming van het belang van het kind. Ook in geval van vertegenwoordiging van meerderjarige patiënten, kan het noodzakelijk zijn dat u in het belang van de zorg aan de patiënt de vertegenwoordigers geen volledige online inzage geeft. 
 

Ernstig nadelige gevolgen voor de patiënt

Als u verwacht dat online inzage door een patiënt ernstig nadelige gevolgen kan hebben voor de gezondheid van de patiënt, bijvoorbeeld bij gevaar voor suïcide, kunt u overwegen om inzage van de patiënt tijdelijk te stoppen. En daarbij aan de patiënt uit te leggen dat u inzage zonder begeleiding op dat moment niet verantwoord vindt. De Wet abvz voorziet niet expliciet in deze mogelijkheid. Wel biedt de wet u ruimte, omdat deze bepaalt dat u met redelijke tussenpozen aan het verzoek tot online inzage (of verstrekken van een elektronisch afschrift) moet voldoen. De wet kent echter geen regeling om voor langere tijd de online inzage te onthouden aan een patiënt vanwege ernstig nadelige gevolgen.

Inzage in gegevens betreffende of afkomstig van derden

Het kan voorkomen dat een ander dan de patiënt informatie aan u verstrekt over de patiënt dan wel over hemzelf. Bijvoorbeeld de partner of ouder van een patiënt. Als u de verkregen informatie relevant acht voor de zorg, noteert u deze in patiëntendossier. Let er dan wel op dat er volgens de WGBO een beperking op het inzagerecht van de patiënt geldt: hij mag deze gegevens niet inzien noch een afschrift hiervan ontvangen, tenzij deze persoon daar toestemming voor geeft. Dezelfde beperking geldt bij een online inzage van het dossier. 

Aandachtspunten

Het is goed om u bewust te zijn van bovenstaande punten als u gaat werken met de online inzage en intern afspraken te maken hoe om te gaan met vragen, onvrede en verzoeken van patiënten met betrekking tot hun dossier. Daarnaast is aan te raden op uw website en in de praktijkfolder heldere uitleg te geven aan patiënten waar ze terecht kunnen met vragen of onvrede over het dossier. 
 
 

Over de auteur

Jurist Annemarie Smilde | VvAA

Annemarie Smilde

Ik help u aan praktische oplossingen voor uw zorgen over wet- en regelgeving


Mijn expertise:

Gezondheidsrecht


linkedin vvaa  Bekijk mijn profiel

Neem contact op met VvAA  06 - 50 74 23 38

contactformulier  Stuur uw bericht

                    

Meer informatie

Loopt u tegen dilemma's aan op juridisch vlak? Neem contact op met de juridische helpdesk voor VvAA-leden via 030 247 49 99.
                    


Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met OmniHis. Tijdens de gebruikersdag van OmniHis gaf Annemarie Smilde een toelichting op deze juridische aspecten van online inzage. De leverancier van het HIS van de huisarts speelt een belangrijke rol bij de toepassing van online inzage.