Eerste strafrechtelijke zitting over een euthanasiecasus

28 augustus 2019 - Voor het eerst sinds de invoering van de euthanasiewet in 2002 boog op maandag 26 augustus 2019 een strafrechter in Nederland zich over een door een arts uitgevoerde euthanasie. Een zeer actueel thema waarover VvAA de afgelopen periode ook meer vragen ontving vanuit zorgverleners. Mede daarom onderstaand een korte beschrijving van deze casus en een eerste interpretatie van de intentie van het OM.

Primeur

De euthanasiewet is in Nederland al 17 jaar van kracht, maar niet eerder zag het OM aanleiding om over te gaan tot strafrechtelijke vervolging van een arts. Wel onderzocht het OM eerder diverse zaken waarin de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE) oordeelde dat niet aan de wettelijke zorgvuldigheidseisen voor euthanasie voldaan is. Uiteindelijk werd in die zaken echter besloten om niet tot vervolging over te gaan. 

De casus

In de zaak waarover de rechtbank Den Haag zich afgelopen maandag moest buigen wordt een specialist ouderengeneeskunde (inmiddels met pensioen) die euthanasie uitvoerde bij een 74-jarige dementerende patiënte strafrechtelijk vervolgd. De patiënte was wilsonbekwaam. Volgens het OM handelde de arts onder andere niet volgens de normen en de wettelijke zorgvuldigheidseisen door enkel te vertrouwen op de wilsverklaring van patiënte en niet meer te verifiëren bij de patiënte of ze nog steeds dood wilde. Het OM is van oordeel dat de specialist ouderengeneeskunde nadrukkelijker met de dementerende patiënte in gesprek had moeten gaan. 

In een door de Inspectie voor de Gezondheidszorg aanhangig gemaakte tuchtzaak tegen deze specialist ouderengeneeskunde, heeft het tuchtcollege eerder een waarschuwing (de lichtste tuchtrechtelijke maatregel) opgelegd.

Proefproces

Het OM stelt dat de arts schuldig is aan het onzorgvuldig uitvoeren van euthanasie en daarmee aan moord in strafrechtelijke zin. Echter, de arts zou volgens het OM geen straf opgelegd moeten krijgen. Als de rechtbank het OM in haar eis volgt, dan zou de arts wel schuldig bevonden worden aan moord en dus een strafblad krijgen.

Het lijkt erop dat het OM een proefproces is gestart omdat zij van mening is dat in deze situatie onvoldoende duidelijk is wat de wet bepaalt. Met het proces vraagt het OM invulling door de rechtbank van de norm dat de patiënt vrijwillig en weloverwogen een verzoek tot euthanasie moet doen op het moment dat er sprake is van een dementerende patiënt met een niet eenduidige wilsverklaring. Per casus kan dan vervolgens worden beoordeeld of aan deze norm – of zorgvuldigheidseis – is voldaan. Het is mogelijk dat de rechtbank deze norm of zorgvuldigheidseis niet in het algemeen kan invullen. Het OM hoopt dat de uitspraak van de rechtbank wel richtinggevend zal zijn.

VvAA volgt deze zaak op de voet. Op 11 september zal de rechtbank een uitspraak doen.  

 

Contact Juridische Helpdesk

Mocht u vragen hebben over dit onderwerp, dan kunt u hierover contact met ons opnemen via onze Juridische Helpdesk, bereikbaar op werkdagen tussen 08.00 en 17.30 uur. Wij helpen u graag.