Artsen mét grenzen centraal in BNR-debat


20-04-2012 VvAA redactie

Een onderwerp dat de gemoederen beroert: VvAA’s onderzoek naar agressie en intimidatie in de wacht- en spreekkamers. Uit het onderzoek blijkt dat een meerderheid van de zorgprofessionals in zijn of haar werk geconfronteerd wordt met intimidatie. Op maandagavond 16 april 2012 discussieerden deskundigen en betrokkenen verder over intimidatie in de zorg tijdens het BNR-radiodebat Artsen met grenzen centraal, onder leiding van Harmke Pijpers.

Alle BNR-debatten:

  • De zorgverzekeraar regeert
  • Onvoorbereid op zoönose
  • Artsen mét grenzen
  • 't Politieke BNR-zorgdebat
  • Medische fouten
  • Zorg om de hoek een illusie?
  • Bureaucratie schaadt kwaliteit
Uit het onderzoek naar agressie en intimidatie blijkt niet alleen dat een meerderheid van de zorgverleners wel eens geconfronteerd wordt met intimidatie, zij spreken ook de verwachting uit dat de kosten vanwege intimidatie verder zullen stijgen. Daarnaast komt naar voren dat een vijfde van de hulpverleners een patiënt vanwege intimidatie heeft doorgestuurd, terwijl dat anders niet was gebeurd. Opvallend is echter dat consumenten deze situatie niet herkennen.

Beveiliging en maatregelen

Hoe ervaren de deelnemers aan het debat de situatie? Duidelijk is dat iedereen maatregelen heeft getroffen om agressief gedrag en intimidatie tegen te gaan. Beveiliging is een dagelijkse zaak geworden in het ziekenhuis.
Zoals in het Vie Curi Ziekenhuis in Venlo. “Jarenlang was ons ziekenhuis een onveilige plek”, stelt Ton Heerschop, hoofd veiligheid. “Ons ziekenhuis ligt in een stil gebied. Duistere types gebruikten het als ideale uitvalsbasis. Daar hebben we paal en perk aan gesteld. We hebben de verlichting verbeterd en camera’s geplaatst. De Spoedeisende Hulp (SEH) is verbouwd met veel meer daglicht en een open entree. De beveiliging en onze collega’s zijn getraind om in de eerste plaats als gastheren en –vrouwen op te treden.”

In het Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg werken ze met gele en rode kaarten voor patiënten bij herhaald agressief gedrag. Harm van de Pas van het Netwerk Acute Zorg Brabant en werkzaam in het Elisabeth: “We hebben dat nog niet vaak gedaan, maar tot nu toe werkt dat goed. Als ze dan als patiënt op de SEH komen, zien we altijd een wonderbaarlijke genezing in gedrag.”

Etienne van Banning, huisarts in Amsterdam Zuid-Oost, relativeert de situatie: “Wat wij meemaken is niet anders dan wat je ziet bij buschauffeurs bijvoorbeeld. Op alle duizenden consulten die plaatsvinden gaat het niet vaak mis. Dat komt ook door onze actieve houding. We hebben heel duidelijke regels en dragen die ook uit.”

Grote impact

Hoewel het in de meeste gevallen wel goed gaat, is de impact van intimidatie groot. Kinderarts Gert van Enk, Ziekenhuis de Gelderse Vallei, maakte het zelf mee: “Het ging om ouders die ingegeven door de enorme zorg over hun kind, gingen dreigen. In de zin van ‘Als u mijn kind niet beter maakt, weet ik u te vinden.’ Toen knapte er iets in me. Ik zat nog midden in de adrenaline van de behandeling en kon niet meer goed functioneren. Een ander ziekenhuis heeft het toen overgenomen. Ik ben daar wel voorzichtiger van geworden. Overigens heb ik later op de poli wel een doosje chocola van ze gehad met excuses.”

Hulp weigeren

Onlangs stelde minister Schippers van Volksgezondheid dat zorgverleners hulp moeten kunnen weigeren als ze agressief worden behandeld.
Bert Prins van huisartsenpost Rijnmond: “Dat is voor ons niets nieuws. In zeldzame gevallen verwijzen we een patiënt door. Daar hebben we goede afspraken over gemaakt met elkaar.”
Francoise Dings van het Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam: “Wij gaan niet uit van het stopzetten van de zorg, we regelen altijd een plek in een ander ziekenhuis. We zijn blij dat de minister in haar actieplan schrijft dat melden veilig en makkelijk moet kunnen. We merken dat dat nog niet altijd gebeurt. Zorgverleners hebben de angst dat agressieve patiënten hen weten te vinden. Als je zonder naam aangifte zou kunnen doen, zou dat de aangiftebereidheid enorm verhogen.” De andere aanwezigen beamen dit.

Albert Vermaas, directeur juridische zaken van het UMC Utrecht: “Melden is heel belangrijk. Wij stimuleren onze 11.000 medewerkers via onze leidinggevenden om dat vooral te doen. We willen dat iedereen het gevoel heeft dat de instelling achter ze staat.”

Twee kanten

“Ook belangrijk om te kijken wat je zelf kunt voorkomen. Een balie waar zes witte jassen op de supervisor zitten te wachten in het zicht van de wachtkamer is niet handig,” stelt Jan Drapers van het directoraat Patiëntenzorg van het AMC in Amsterdam. “Neem in elk geval factoren weg die prikkelend kunnen werken.”

Hoogleraar communicatie Sandra van Duinen van het UMC Radboud in Nijmegen benadrukt de rol die communicatie kan spelen in de relatie met de patiënt: “Onderzoek toont aan dat een paar bevestigende en begrijpende zinnen al aantoonbaar helpen om een gesprek positief te laten ervaren, hoe moeilijk de boodschap ook is.”

Dat een mondige patiënt niet per se lastig hoeft te zijn, onderstreept Wilma Windt van de Nederlandse Consumenten- en Patiëntenfederatie (NCPF): “De patiënt die met zijn Google-uitdraai bij de zorgprofessional komt kun je ook benaderen als: ‘He, die is actief met zijn of haar gezondheid bezig’!”

Grenzen

Maar waar mondigheid over gaat in agressief of intimiderend gedrag, wordt een grens overschreden. Daar zijn alle aanwezigen het over eens. Dat kan de persoonlijke grens van de arts of zorgverlener zijn, die vervolgens moet bepalen hoe hij daar professioneel mee omgaat. Noodzakelijk is ook de steun vanuit de instelling of organisatie waar hij of zij werkt, zodat zij gezamenlijk de grenzen kunnen stellen. Want een intimiderende ervaring kan nog jaren doorwerken.

Contact met VvAA

Hebt u vragen of wilt u meer informatie? Neem dan gerust contact met ons op.