Inloggen

Tips voor leidinggevenden

Deze vijf tips uit de training 'Leidinggeven op en in de praktijk' helpen u een betere leidinggevende te zijn. Voor uzelf én voor anderen.

  • 1) Geef leiding aan uzelf

    Leidinggeven aan anderen? Geef dan eerst leiding aan uzelf. Mensgericht: wat is volgens u de rol van leidinggevende; wat voor leidinggevende wilt u zijn? En welke vaardigheden zijn daarvoor nodig? En werkgericht: wat is uw visie op het werk, de doelen, de planning? En hoe handelt u hiernaar?
     
  • 2) Zo herkent u het conflict (en de oplossing)

    Als leidinggevende hebt u een belangrijke rol in het voorkomen en hanteren van conflicten. Irritaties die opdoemen, verdwijnen niet altijd vanzelf. Wanneer deze het dagelijks functioneren op de werkvloer belemmeren, zijn vier vragen van belang:

    * Wat is er feitelijk aan de hand? (op niveau van de inhoud)
    * Wie is verantwoordelijk voor wat? (procedure en afstemming)
    * Hoe verloopt de samenwerking (interactie)
    * Is er nog vertrouwen (relatie)

    Is er voldoende vertrouwen en een goede samenwerking, maar is het niet helder bij wie welke taken liggen? Dan ligt het conflict én de oplossing op het niveau van procedures.

    Bestaat er weinig vertrouwen tussen medewerkers en is de sfeer gespannen, terwijl er duidelijke functieprofielen bestaan en het conflict over niks lijkt te gaan? Dan is er een probleem op het niveau van de relatie. Het heeft dan weinig zin om de inhoud op te lossen. Een leidinggevende focust zich op het niveau waar het probleem zich daadwerkelijk bevindt.

  • 3) Luister actief en reflecteer

    Luister actief, naar het wat én het hoe. Stel open vragen, wees voldoende stil, vul nog geen zaken in en wees volledig bij de ander. Reflecteer hierop en vraag door. Laat altijd merken dat u het begrepen hebt; vat samen. Ga nooit in de verdediging. Uw eigen standpunt volgt pas als de ander zeker weet dat hij/zij gehoord is. Houd het kort, duidelijk en overzichtelijk. Als er nieuwe informatie van de ander komt, luister dan weer actief. Hak een groter probleem altijd in hapklare brokken. Wat is de eerste stap? Zoek samen naar een acceptabele oplossing.

  • 4) Besef: u bent onderdeel van het team

    De leidinggevende die zijn (of haar) team op de spreekwoordelijke foto zet voor het totaalplaatje, vergeet vaak dat hij zélf ook op die foto hoort. Elk teamlid is verantwoordelijk voor z'n eigen rol. Uitdagingen in het team, zoals te weinig eigenaarschap of visie? Dan is een goede vraag voor een leidinggevende aan zichzelf: "Wat heeft het met mij te maken dat mijn team... [vul maar in].

  • 5) Vergroot de veranderingsbereidheid

    Als leidinggevende neemt u het voortouw in veranderingen. Veranderingen worden niet altijd positief ontvangen. Iemand ziet het niet als juiste oplossing, of er is de angst voor een verlies van iets waardevols, zoals statusplezier of bepaalde werkwijzes. Hoe stimuleert u veranderingsbereidheid?

    1. Bied het juiste perspectief aan uw collega’s.
    2. Bied optimaal informatie over de veranderingen.
    3. Betrek uw collega’s bij het denken over en werken aan de gewenste verandering.
    4. Geef uw collega's het vertrouwen dat niet alles voor hen wordt beslist en dat zij invloed kunnen uitoefenen op de verandering. Laat hen meedenken, meepraten en/of deelnemen aan de besluitvorming. Pas uw stijl van leidinggeven aan aan de situatie. 

Leidinggeven in en op de praktijk

Leer in 5 dagen praktisch leidinggeven.

  • Nadruk op de praktische uitvoering, voor mensen die op de werkvloer hiërarchisch of functioneel leidinggeven.
  • Speciaal voor vakmensen die willen groeien in hun leidinggevende rol
  • Leren van en met elkaar in een veilige sfeer
Leidinggeven in en op de praktijk richt zich op professionals die toe zijn aan een volgende stap: leidinggeven aan andere professionals in de praktijk. Wellicht startte u als collega en geeft u inmiddels leiding aan diezelfde collega’s. Deze nieuwe situatie vraagt om nieuwe vaardigheden.

  • Hoe zorgt u dat iedere medewerker doet wat hij/zij het beste kan?
  • Hoe motiveert en corrigeert u?
  • Hoe motiveert en corrigeert u?
  • Hoe voert u gesprekken over voortgang of gebrek hieraan?
  • Hoe lost u lastige situaties op, zonder de relatie te beschadigen?
  • Hoe voorkomt u dat alles op uw schouders terecht komt? En: hoe houdt u het hele team betrokken en medeverantwoordelijk voor de praktijkorganisatie?

Cursus Leidinggeven in en op de praktijk
Praktisch leidinggeven VvAA