Digitale zorg: wat moet je weten?

Geplaatst: 31-05-2018

Eerder
schreef ik hier dat er wel wat versnelling mag komen in het opnemen van kennis/skills over digitale zorg in de medische opleidingen, programma’s en curricula. Gezien de ontwikkelingen en ‘transities’ over de gehele breedte van de zorg is dat inmiddels wel noodzakelijk – niet alleen in ons land. Nu kan je natuurlijk altijd een persoonlijk consult bij de columnist-van-dienst aanvragen maar welke algemene basiskennis heb je eigenlijk nodig en hoe kan je je het beste verdiepen in digitale zorgtechnologie als je daarvoor belangstelling hebt? 
 
In de eerste plaats zou ik mijn opleiders en docenten er eens naar vragen. Hun antwoord verschilt naar gelang de studiefase waarin je zit, maar waarschijnlijk hangt het vooral af van of het onderwerp voor hen top of mind is. Vermoedelijk is ‘eHealth’ geen prioriteit. Zoals dat overigens ook voor veel studenten geldt: “eHealth, dat is toch iets voor het management?” Maar dat gaat veranderen. Want de digitale revolutie die we meemaken heeft natuurlijk ook gevolgen in je rol als student of professional. Èn in je rol als opleider/docent: alleen al voor hoe we leren en lesgeven. In het onderwijs voltrekt zich namelijk eenzelfde soort ontwikkeling als in de zorg. Distance learning, MOOCs, e-learning, mobile learning of blended learning zijn daar de buzzwords die aangeven hoe de leerling/student steeds meer in staat is het eigen leerproces te managen; zelfstandig en los van plaats/tijd, los van de traditionele autoriteit. Net als patiënten/mantelzorgers middels telemedicine, eHealth, tele-care, mobile health of blended care steeds vaker in staat worden gesteld de regie te voeren over het eigen zorgproces. Met behulp van interactieve, enabling, technologies die ook gebruikt worden buiten onderwijs of zorg: smart phone, tablet, lap top, robots, domotica, smart, virtueel. Consumenten tech en professionele tech convergeren, net als informele en  formele zorg. De technologie is er al wel, maar die is ‘dood’ tot het moment van aanraking door een mens. 
 
Het inzicht en het besef dat het hier een grote en onomkeerbare verandering betreft, gaat vooraf aan de vraag wélke kennis je precies nodig hebt. Wie zich realiseert dat het gebruik van digitale informatie- en communicatietechnologie een andere organisatie, coördinatie en levering van zorg mogelijk maakt, begrijpt ook dat nieuwe kennis, competenties en vaardigheden nodig zijn. We krijgen nieuwe rollen, andere taken, zelfs nieuwe beroepen in de zorg. De arts die meer als coach/adviseur zal werken, online of in person, binnen een virtueel of fysiek netwerk, vooral met chronische patiënten; de medische 3D-printoperator die van biomedische 3D-bestanden echte modellen, botten, vaten of organen maakt; de POH die eMental health programma’s begeleidt en de medicijn-dispenser programmeert; de physician assistant die een zorgrobot traint, de verpleegkundig specialist die met kunstmatige intelligentie diagnoses stelt; de specialist die tele-chirurgie met een robotarm bedrijft; de medische cybersecurity officer die door de keten heen medische identiteitsfraude opspoort. En dan zijn dit nog slechts voorbeelden binnen de context van de arts-patiënt relatie. Als je dáár de mogelijkheden en kansen van ziet, zie je vanzelf wat er nodig is aan kennis en vaardigheden. Die is contextueel bepaald. Je eigen nieuwsgierigheid is daarbij leidend, en dat is een waardevolle eigenschap die je in je carrière vaak zal kunnen gebruiken. Nieuwsgierigheid als competentie. Moderne professionals zijn nooit uitgeleerd, alleen al gezien de kortere halfwaardetijd van onze kennis.
 
Absolute beginners kunnen zich inlezen met – jawel - een boekje maar online is natuurlijk veel te vinden om b@siskennis bij elkaar te sprokkelen. Nota bene de bron. Alle partijen in ons zorgstelsel publiceren over het onderwerp dat in essentie ook dwars door alle disciplines en grenzen heen snijdt. Het Ministerie van VWS, bestuursorganen als Nederlandse Zorgautoriteit, de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd, Raad voor de Volksgezondheid & Samenleving, expertisecentra zoals Nictiz, de UMC’s (er zijn een stuk of acht leerstoelen die raken aan digitale zorg), universiteiten en hogescholen, andere kennisinstellingen als het Rathenau Instituut of het Trimbos-instituut, de wetenschappelijke en beroepsverenigingen, stedelijke economic boards, academische technology transfer offices, masterclasses, business schools (w.o. VvAA) enzovoorts. Deze betrouwbare bronnen tonen de turbulente actualiteit, geven waar mogelijk de kracht van beschikbare evidence aan en verwijzen naar wat er op de werkvloer speelt. Ondertussen zal een groot deel van de zorg blijven bestaan uit de aloude troost, steun en geruststelling.

Hans Ossenbaard
Hans Ossebaard

Dr. Hans Ossebaard werkt bij de VvAA aan de bevordering van effectieve zorginnovaties en eHealth. Via presentaties, trainingen en publicaties probeert hij kennis en inspiratie over te dragen om daardoor de zorg toekomstbestendig te maken. Hij werkt daarnaast bij Zorginstituut Nederland aan de bijdrage van eHealth aan zinnige zorg en aan www.ZorgvoorInnoveren.nl. Verder gaf hij onderwijs, en deed onderzoek, aan de vakgroep Psychologie, Gezondheid en Technologie van de Universiteit Twente.