Inloggen

Zzp'ers in de zorg: regels en wetgeving


In lezingen en artikelen gebruikt VvAA geregeld schema’s om houvast te geven aan specifieke zzp-elementen. Hier vindt u een aantal van deze schema’s terug die gaan over: de zzp-urgentiepiramide, de bekendheid van de zzp-wetgeving bij zorgverleners, de vijf belangrijkste verschillen tussen de zzp-webmodule en -modelovereenkomst en de verschillende werkvormen van al dan niet zzp’ende zorgverleners.


Verhouding onderdelen zzp-problematiek

De onderste laag is de logge onderlaag met historische en Europese wortels, de basis: onze arbeidswetgeving.

De middelste laag gaat over de regimes die de overheid optuigt om partijen vooraf duidelijkheid te geven of er sprake is van een dienstbetrekking.

De bovenste laag staat voor de controle van de lagen eronder in de praktijk. Blijkt er sprake van een dienstbetrekking? Dan kunnen navorderingen en boetes flink in de papieren lopen.



Bekendheid impact recente zzp-ontwikkelingen

Eerstelijnszorgpraktijken werken de afgelopen jaren steeds vaker met zzp’ers. Des te opvallender dat maar 32% (2020) van deze praktijkhouders een goed beeld heeft van de betekenis van de recente zzp-ontwikkelingen voor de eigen praktijk. Dat is zorgwekkend, gezien navorderingen en boetes flink kunnen zijn. Zowel voor opdrachtgever als opdrachtnemer.



Modelovereenkomst vs webmodule
Om duidelijkheid vooraf te krijgen over de aard van de webmodule is in 2016 op basis van de Wet dba het systeem met modelovereenkomsten geïntroduceerd. In het regeerakkoord in 2017 werd alweer een nieuw instrument daarvoor voorgesteld: de zogenoemde webmodule. In januari 2021 werd een pilot ingezet voor deze webmodule. Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen deze twee instrumenten? We hebben ze voor u op een rijtje gezet.



De werkvormen: zelfstandigen in soorten en maten
We onderscheiden praktijkhouders en zzp’ers. Die laatsten zijn weer te verdelen in de ‘echte’ waarnemers, die een vervanging doen, en praktijkmedewerkers die tijdelijk extra capaciteit leveren in de praktijk. De discussie over daadwerkelijke zelfstandigheid speelt vooral voor de praktijkmedewerkers. Een praktijkhouder zonder personeel noemen we in dit schema dus geen zzp’er.