Salarisflits januari 2015

Werkkostenregeling WKR

Werkkostenregeling (WKR)

Met ingang van 2015 is de WKR verplicht voor alle werkgevers. Bij alle vergoedingen en verstrekkingen aan uw personeel die niet onder de zogenaamde gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen vallen, bepaalt u voortaan vooraf of u deze onder de vrije ruimte brengt of als loon aanmerkt. Op basis van deze keuze legt u de betreffende vergoeding of verstrekking vast in uw financiële en salarisadministratie. Wij adviseren u om uw budget voor de vrije ruimte (1,2% van uw fiscale loon) periodiek te toetsen. Alleen op die manier voorkomt u dat u achteraf 80% belasting moet betalen over het bedrag waarmee u de vrije ruimte hebt overschreden.
Wilt u hulp bij het inrichten van uw administratie, het toewijzen van uw personele kosten en/of de periodieke toetsing van uw vrije ruimte? Neem dan contact met ons op.

Wet werk en zekerheid Wwz

Wet werk en zekerheid (Wwz)

Per 1 januari 2015 is de Wet werk en zekerheid van kracht. Hiermee wordt de positie van tijdelijke werknemers (flexwerkers) versterkt, het ontslagrecht aangepast en de opbouw en maximale duur van de WW beperkt. De wet wordt gefaseerd ingevoerd: de maatregelen worden van kracht per 1 januari 2015, per 1 juli 2015 en per 1 januari 2016.

Regelgeving per 1 januari 2015

Een actueel overzicht aan van de belangrijkste regelgeving die vanaf 1 januari 2015 van kracht is:
• In een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van maximaal zes maanden mag u geen proeftijd meer opnemen.
• In een tijdelijke arbeidsovereenkomst mag u alleen onder bijzondere omstandigheden een concurrentiebeding afspreken. Dat is alleen het geval als het concurrentiebeding een ‘zwaarwichtig bedrijfs- of dienstbelang’ heeft. Wanneer hiervan sprake zal zijn, is echter nog onduidelijk. Is er sprake van een zwaarwichtig bedrijfs- of dienstbelang, dan moet u in het concurrentiebeding aangeven waarom het noodzakelijk is dat een medewerker na het dienstverband niet bij een andere praktijk mag werken. Ontbreekt de motivatie, dan is het beding nietig.
• Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van zes maanden of langer die automatisch eindigt, moet u uiterlijk een maand voor het einde van de overeenkomst schriftelijk aan de medewerker melden of de arbeidsrelatie wel of niet wordt verlengd. Doet u dat niet of niet tijdig, dan kan de medewerker aanspraak maken op een schadevergoeding. Deze vergoeding is gelijk aan maximaal een maandsalaris.

Voorkom betaling van schadevergoeding

De verplichting om uiterlijk een maand voor het einde van de overeenkomst schriftelijk aan de medewerker te melden of de arbeidsrelatie wel of niet verlengd wordt, geldt voor elke tijdelijke overeenkomst tijd van zes maanden of langer die na 1 februari 2015 eindigt. Dus ook voor een overeenkomst die in 2014 is afgesloten. Verzuimt u om deze aanzegging tijdig te doen, dan kan de werknemer tot maximaal 3 maanden na de verplichte aanzegdatum aanspraak maken op de schadevergoeding. Zorg er dus voor dat u tijdig een schriftelijke melding doet aan uw medewerker. Wij kunnen hierbij ondersteunen door de bevestigingsbrief voor u op te stellen. De kosten hiervoor bedragen € 25,- exclusief btw. Maakt u gebruik van onze module Overeenkomsten, dan zijn hieraan geen aanvullende kosten verbonden. Overigens ontvangt u bij afname van de module Overeenkomsten standaard 50 dagen van te voren van ons bericht over het eindigen van de betreffende overeenkomst, zodat u tijdig kunt besluiten over voortzetting of beëindiging.

Regelgeving na 1 januari 2015

Op de pagina's van werkgeverszaken vindt u aanvullende informatie over de wetgeving die per 1 juli 2015 en per 1 januari 2016 van kracht wordt.

Aanpassing regels verlof en arbeidstijden

Aanpassing regels verlof en arbeidstijden


Op 1 januari 2015 trad de Wet modernisering regelingen voor verlof en arbeidstijden in werking. De wet moet het combineren van werk en zorg gemakkelijker maken. Hierdoor zijn een groot deel van de verlofregels gewijzigd. Wij zetten de belangrijkste maatregelen voor u op een rij. De meeste maatregelen gaan in per 1 januari 2015. Een aantal wordt op een later tijdstip van kracht. In dat geval is dit apart vermeld.

Zwangerschapsverlof (Ingangsdatum nog niet vastgesteld)

Uitbreiding met 4 weken bij een meerling.

Bevallingsverlof

Uitbreiding en flexibilisering door:
• Het verruimen van het bevallingsverlof bij een langdurige ziekenhuisopname van een pasgeboren kind, zodat de moeder de gelegenheid krijgt om na de ziekenhuisopname haar kind tien weken thuis te verzorgen.
• Het overdragen van het verlof aan de partner in het geval van het overlijden van de moeder.
• Het bieden van de mogelijkheid om vanaf de 6e week na de bevalling het verlof in deeltijd op te nemen gedurende een periode van maximaal 30 weken.

Ouderschapsverlof

Vergroting gebruiksmogelijkheden door:
• Het invoeren van het onvoorwaardelijk recht op drie dagen opname ouderschapsverlof voor de vader bij de geboorte van een kind.
• Het laten vervallen van de eis dat de medewerker minimaal één jaar in dienst moet zijn bij de werkgever.
• De medewerker zelf te laten bepalen hoe hij/zij het ouderschapsverlof op wil nemen.

Pleegzorg- en adoptieverlof

Flexibilisering door:
• Het toevoegen van de mogelijkheid dat de medewerker het verlof in overleg met de werkgever gespreid kan opnemen (is nu vier weken aaneengesloten).
• Het verruimen van opnametermijn van 18 naar 26 weken rond de opname van het kind.

Kort- en langdurend zorgverlof (per 1 juli 2015)

Uitbreiding naar medewerkers die zorgen voor broers en zussen, grootouders en kleinkinderen, huisgenoten of anderen in de sociale omgeving.

Langdurend zorgverlof

Flexibilisering door:
• De medewerkers zelf te laten bepalen hoe zij het langdurend zorgverlof willen spreiden.
• Het verruimen van noodzakelijke zorg ingeval van ziekte en hulpbehoevendheid (per 1 juli 2015).

Wet aanpassing arbeidsduur

Flexibilisering door medewerkers één keer per jaar de mogelijkheid te bieden om hun contractuele arbeidsduur aan te passen. Bij onvoorziene omstandigheden (bijvoorbeeld als een ouder van de medewerker plotseling hulpbehoevend wordt) kan hiervan worden afgeweken en mag de medewerker ook meer dan één keer per jaar zo’n aanvraag indienen.

Loonkostensubsidies

Loonkostensubsidies: Premiekortingen en -vrijstelling

De voorwaarden voor de toepassing van de premiekortingen zijn per 1 januari 2015 aangescherpt. De premievrijstelling voor oudere werknemers vervalt per 1 juli 2015.

Premiekorting jongere werknemers

Voordat u de korting mag toepassen, moet u de beschikken over:
• Een verklaring van het UWV of de gemeente waaruit blijkt dat uw medewerker direct voordat hij bij u in dienst trad, recht had op een uitkering.
• Een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor ten minste 32 uur per week met een duur van ten minste 6 maanden.
• U bewaart de verklaring en de arbeidsovereenkomst bij uw salarisadministratie. 
 
De leeftijdsgrenzen zijn ongewijzigd gebleven: Het moet gaan om een medewerker in de leeftijd van 18 tot 27 jaar. De premiekorting is € 3.500,- per medewerker per jaar.

Premiekorting in dienst nemen oudere werknemers

    • Voordat u de korting mag toepassen, moet u de beschikken over een verklaring van het UWV of de gemeente waaruit blijkt dat uw medewerker direct voordat hij bij u in dienst trad, recht had op een uitkering. Deze verklaring bewaart u bij uw salarisadministratie.
    • De leeftijdsgrens is verhoogd van 50 naar 56 jaar. Voor bestaande dienstverbanden mag u de
    premiekorting blijven toepassen.

    De premiekorting bedraagt € 7.000,- per jaar voor een werkweek van 36 uur of meer. Bij een kortere werkweek moet de premiekorting evenredig worden verlaagd. De premiekorting kan ook nooit hoger zijn dan het bedrag aan premies dat u betaalt.

Premievrijstelling oudere werknemers

Paste u de premievrijstelling oudere werknemers in 2008 toe voor een medewerker die op 1 januari 2014 60,5 jaar of ouder was, dan mag u de premievrijstelling tot 1 juli 2015 toepassen. De medewerker moet tot 1 juli 2015 dan wel jonger zijn dan 62 jaar en nog bij u in dienst zijn.

Toepassen van een premiekortingen en/of -vrijstelling

Wanneer u één of meerdere medewerkers in dienst heeft of neemt waarvoor u recht hebt op een premiekorting en/of -vrijstelling, dan moet u ons daarover expliciet informeren. Alleen dan kunnen wij deze subsidieregelingen in uw administratie verwerken.

Levenslooptegoed

80% regeling voor afkoop levenslooptegoed

Deelnemers aan de levensloopregeling die het levenslooptegoed op 31 december 2013 (inclusief rendement) in 2015 volledig opnemen, hoeven over slechts 80% van dat tegoed loonheffingen te betalen.
Op grond van een overgangsregeling mogen werknemers die op 31 december 2011 een levenslooptegoed hadden van € 3.000,- of meer, tot en met het jaar 2021 blijven deelnemen aan de levensloopregeling. In die periode is het mogelijk om het levenslooptegoed gedeeltelijk of in één keer volledig op te nemen. De belastingvriendelijke maatregel geldt alleen voor 2015.
Als één of meer van uw medewerkers in het verleden een levenslooptegoed heeft opgebouwd, verzoeken wij u hen hierover te informeren zodat zij een weloverwogen keuze kunnen maken.

WGA

WGA-verzekering per 1 januari 2015

Bent u met ingang van 1 januari 2015 eigenrisicodrager geworden voor de Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA), dan ontvangt u een beschikking van de Belastingdienst en de polisbescheiden van de verzekeraar bij wie u het risico verzekerde. Voor een juiste verwerking in uw administratie is het van belang dat u ons zo spoedig mogelijk (kopieën van) beide documenten toestuurt.

Minimumloon

Met ingang van 1 januari 2015 is het wettelijk minimum(jeugd)loon met 0,44% verhoogd en gelden de volgende bruto bedragen:
23 jaar en ouder
 € 1.501,80
 22 jaar  € 1.276,55
 21 jaar  € 1.088,80
 20 jaar  €    923,60
 19 jaar  €    788,45
 18 jaar  €    683,30
 17 jaar  €    593,20
 16 jaar  €    518,10
 15 jaar  €    450,55

Uitnodigen

Nodig ons uit!

Op basis van onze jarenlange ervaring en brede expertise op het gebied van het werkgeverschap worden wij regelmatig uitgenodigd om presentaties te verzorgen over vakinhoudelijke onderwerpen. Denkt u daarbij aan de Werkkostenregeling, de Wet werk en zekerheid, de verzuimproblematiek en het personeelsbeleid.
Ook u kunt hiervan gebruik maken wanneer binnen uw netwerk door u of anderen bijeenkomsten worden georganiseerd waarbij één of meer werkgeversgerelateerde onderwerpen een aanvulling kunnen zijn op het programma. Het hangt van de situatie af of daar kosten aan verbonden zijn.
Meer weten over de mogelijkheden? Neem dan contact met ons op via salarisinfo@vvaa.nl. Wij verstrekken graag meer informatie.