Salarisflits februari 2018

Minimumloon

Per 1 januari 2018 zijn de minimumlonen verhoogd. 

Tabel: minimumloon per maand, per week en per dag (bruto bedragen per 1 januari 2018)

Leeftijd Per maand Per week Per dag
22 jaar en ouder € 1.578,00 € 364,15 € 72,83
21 jaar € 1.341,00 € 309,55 € 61,91
20 jaar € 1.104,00 € 254,90 € 50,98
19 jaar € 867,00 € 200,30 € 40,06
18 jaar € 749,00 € 172,95 € 34,59
17 jaar € 623,00 € 143,85 € 28,77
16 jaar € 544,00 € 125,65 € 25,13
15 jaar € 473,00 € 109,25 € 21,85

Vanaf 2019 krijgen 21-jarigen het volledige wettelijk minimumloon en gaat voor 18- tot en met 20-jarigen het minimumjeugdloon verder omhoog. 

Vakantietoeslag over overwerk

Vanaf 1 januari 2018 moet u over overwerk tenminste het minimumloon betalen. Daarnaast moet u vakantiebijslag berekenen over de vergoeding voor overwerk, dus ook over de toeslagen. Dit geldt ook als uw medewerker in deeltijd werkt en extra uren maakt. In de cao kan hiervan worden afgeweken. 

Uiteraard zorgen wij ervoor dat het overwerk conform de cao wordt verwerkt.

Transitievergoeding

De maximale transitievergoeding is per 1 januari 2018 omhoog gegaan van € 77.000,- naar € 79.000,- of een bruto jaarsalaris (indien dit hoger is).

AOW-leeftijd

De AOW-leeftijd gaat verder omhoog. Per 1 januari 2018 is de AOW-gerechtigde leeftijd 66 jaar. De AOW-leeftijd zal nog verder blijven stijgen tot (vooralsnog) 67 jaar in 2021.

Jeugd-LIV

Als u een medewerker in dienst hebt die tussen de 100 en 125% van het wettelijk minimumloon verdient en die 1.248 of minder verloonde uren per jaar maakt, dan krijgt u een financiële tegemoetkoming. Het doel hiervan is om werkloosheid tegen te gaan.

Dit jaar (ingegaan per 1 januari 2018) kunt u ook een tegemoetkoming krijgen voor medewerkers van 18 tot en met 21 jaar. Dit wordt het jeugd-LIV genoemd.
U hebt recht op het jeugd-LIV voor iedere medewerker die voldoet aan de volgende 3 voorwaarden: 

  1. De medewerker is verzekerd voor één of meer van de werknemersverzekeringen
  2. De medewerker heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd
  3. De medewerker had op 31 december 2017 de leeftijd van 18, 19, 20 of 21 jaar

De hoogte van het jeugd-LIV kan oplopen tot € 3286,40 voor medewerkers die 21 jaar zijn op 31 december 2017.

De toekenning en eventuele hoogte van de tegemoetkoming wordt bepaald aan de hand van gegevens uit uw loonaangifte. Hiervoor hoeft u geen verzoek in te dienen.

Loonkostenvoordeel

Met ingang van 1 januari 2018 zijn de premiekortingen voor jongere, oudere en arbeidsgehandicapte medewerkers verdwenen. Hiervoor in de plaats zijn loonkostenvoordelen voor ouderen en mensen met een arbeidsbeperking gekomen.

Tabel: Vier loonkostenvoordelen en de bijbehorende bedragen

Medewerker voor wie de tegemoetkoming geldt Maximaal voordeel per jaar
Ouderen (56+) € 6.000,-
Arbeidsgehandicapten € 6.000,-
Herplaatsten € 6.000,-
Werknemers onder banenafspraak € 2.000,-

Loonkostenvoordeel oudere medewerker


U hebt recht op dit voordeel als u een medewerker in dienst neemt die voldoet aan de volgende 4 voorwaarden: 

  1. De medewerker is verzekerd voor één of meer van de werknemersverzekeringen;
  2. De medewerker is 56 jaar of ouder, maar heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt;
  3. De medewerker was in de 6 maanden voor u hem aanneemt, niet bij u in dienst; 
  4. De medewerker had, in de kalendermaand voor hij bij u in dienst kwam, recht op één van de volgende uitkeringen:
    • werkloosheidsuitkering (WW, IOW)
    • arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO, WIA, Wet Wajong, Waz, Wamil)
    • inkomensondersteuning Wet Wajong
    • bijstandsuitkering (Participatiewet), IOAW, IOAZ)
    • uitkeringen uit de EU, de EER of Zwitserland die hetzelfde doel hebben als bovengenoemde Nederlandse uitkeringen

Om recht te hebben op het loonkostenvoordeel moet u een doelgroepverklaring voor de medewerker in uw bezit hebben. De medewerker moet deze verklaring aanvragen bij UWV of bij de gemeente.

Als u en de medewerker aan alle voorwaarden voldoen, mag u het loonkostenvoordeel voor deze medewerker vanaf het begin van de dienstbetrekking aanvragen, voor de duur van maximaal 3 jaar.

De hoogte van het loonkostenvoordeel is afhankelijk van het aantal verloonde uren, maar bedraagt maximaal € 6.000,-. De Belastingdienst betaalt de loonkostenvoordelen over 2018 in 2019 automatisch aan u uit als uit de aangiften loonheffingen over 2018 en de afgegeven doelgroepverklaringen blijkt dat u er recht op hebt. 

Loonkostenvoordeel arbeidsgehandicapte medewerker


U hebt recht op dit voordeel als u een medewerker in dienst neemt die voldoet aan de volgende 4 voorwaarden: 

  1. De medewerker is verzekerd voor één of meer va de werknemersverzekeringen
  2. De medewerker heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt
  3. De medewerker was in de 6 maanden voor u hem aanneemt, niet bij u in dienst
  4. De medewerker voldoet aan één van de volgende voorwaarden:
    • Hij/zij had, in de kalendermaand voor hij bij u dienst kwam, recht op een WIA-uitkering of op een uitkering uit de EU, de EER of Zwitserland die hetzelfde doel heeft als de WIA-uitkering
    • Hij/zij komt bij u in dienst binnen 5 jaar na de dag waarop de wachttijd (of het tijdvak van de verlengde loondoorbetalingsverplichting) is geëindigd, en voldoet aan de volgende voorwaarden
      • UWV heeft in een arbeidskundig onderzoek vastgesteld dat de medewerker op de eerste dag na afloop van de wachttijd van de WIA (of van het tijdvak van de verlengde loondoorbetalingsverplichting) voor minder dan 35% arbeidsongeschikt was en niet in staat was zijn/haar eigen, of ander passend werk te doen bij de werkgever bij wie hij/zij die dag nog in dienst was
      • De medewerker was 11 weken voor het einde van de wachttijd van de WIA (of van het tijdvak van de verlengde loondoorbetalingsverplichting) nog in dienst bij dezelfde werkgever die hij/zij had toen hij/zij ziek werd
    • De medewerker had voor 1 januari 2006 recht op een WAO- of Waz-uitkering en was daarom arbeidsgehandicapt op grond van de Wet REA. En hij/zij zou in de kalendermaand voordat hij/zij bij u in dienst kwam, om dezelfde reden arbeidsgehandicapt in de zin van de Wet REA zijn geweest als de Wet REA niet was ingetrokken

Om recht te hebben op het loonkostenvoordeel moet u een doelgroepverklaring voor de medewerker in uw bezit hebben. De medewerker moet deze verklaring aanvragen bij UWV of bij de gemeente.

Als u en de medewerker aan alle voorwaarden voldoen, mag u het loonkostenvoordeel voor deze medewerker vanaf het begin van de dienstbetrekking aanvragen, voor de duur van maximaal 3 jaar .

De hoogte van het loonkostenvoordeel is afhankelijk van het aantal verloonde uren, maar bedraagt maximaal € 6.000,-. De Belastingdienst betaalt de loonkostenvoordelen over 2018 in 2019 automatisch aan u uit als uit de aangiften loonheffingen over 2018 en de afgegeven doelgroepverklaringen blijkt dat u er recht op hebt.

Loonkostenvoordeel herplaatsen arbeidsgehandicapte medewerker


Van herplaatsen is sprake als een arbeidsgehandicapte medewerker weer geheel of gedeeltelijk voor de werkgever gaat werken, in zijn/haar eigen functie of in een andere functie. De werkgever heeft recht op dit voordeel als hij een arbeidsgehandicapte medewerker herplaatst die voldoet aan de volgende 3 voorwaarden: 

  1. De medewerker is verzekerd voor één of meer va de werknemersverzekeringen;
  2. De medewerker heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt;
  3. De medewerker voldoet aan één van de volgende voorwaarden:
    • Hij/zij had in de kalendermaand voor herplaatsing recht op een WIA-uitkering of op een uitkering uit de EU, de EER of Zwitserland, die hetzelfde doel heeft als de WIA-uitkering
    • De medewerker had voor 1 januari 2006 recht op een WAO- of Waz-uitkering en was daarom arbeidsgehandicapt op grond van de Wet REA. En hij/zij zou in de kalendermaand voor herplaatsing om dezelfde reden arbeidsgehandicapt in de zin van de Wet REA zijn geweest als de Wet REA niet was ingetrokken

Om recht te hebben op het loonkostenvoordeel moet u een doelgroepverklaring voor de medewerker in uw bezit hebben. De medewerker moet deze  verklaring aanvragen bij UWV of bij de gemeente.

Als u en de medewerker aan alle voorwaarden voldoen, dan mag u het loonkostenvoordeel voor deze medewerker vanaf het begin van de dienstbetrekking aanvragen, voor de duur van maximaal 3 jaar . 

De hoogte van het loonkostenvoordeel is afhankelijk van het aantal verloonde uren, maar bedraagt maximaal € 6.000,-. De Belastingdienst betaalt de loonkostenvoordelen over 2018 in 2019 automatisch aan u uit als uit de aangiften loonheffingen over 2018 en de afgegeven doelgroepverklaringen blijkt dat u er recht op hebt.

Loonkostenvoordeel doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden


U heeft recht op dit voordeel als u een medewerker in dienst neemt die voldoet aan de volgende 4 voorwaarden:

  1. De medewerker is verzekerd voor de werknemersverzekeringen
  2. De medewerker heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt
  3. De medewerker was in de 6 maanden voor u hem aanneemt, niet bij u in dienst
  4. In de kalendermaand voor u de medewerker aanneemt, voldoet hij aan een van de volgende voorwaarden:
    • De medewerker heeft recht op een uitkering of arbeidsondersteuning op grond van de Wet Wajong
    • De medewerker heeft een Wsw-indicatie (Wet sociale werkvoorziening)
    • De medewerker is volgens UWV niet in staat om 100% van het wettelijke minimumloon te verdienen en wordt onder verantwoordelijkheid van de gemeente naar werk begeleid. Of de gemeente heeft bij het beoordelen van de loonkostensubsidie vastgesteld dat hij/zij niet in staat is om 100% van het wettelijke minimumloon te verdienen (de ‘Praktijkroute’). In beide gevallen geldt dat u hem/haar op of na 1 januari 2016 in dienst heeft genomen 
    • De medewerker heeft een indicatie als arbeidsbeperkte. Hieronder vallen onder meer schoolverlaters van het Voortgezet Speciaal Onderwijs en schoolverlaters van het Praktijkonderwijs
    • De medewerker heeft een Wiw-baan (Wet inschakeling werkzoekenden) of een ID-baan (In- en doorstroombaan)
    • De medewerker behoort niet tot de doelgroep banenafspraak, hij/zij heeft door een ziekte of gebrek problemen gehad bij het volgen van onderwijs en hij/zij komt binnen 5 jaar na afronding van dat onderwijs bij u in dienst

U heeft geen recht op de loonkostenvoordelen als de dienstbetrekking van de medewerker op grond van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) volledig gesubsidieerd is. U heeft ook geen recht op de loonkostenvoordelen als de dienstbetrekking op grond van de Participatiewet onder zogenoemd beschut werk valt.

Om recht te hebben op het loonkostenvoordeel moet u een doelgroepverklaring voor de medewerker in uw bezit hebben. De medewerker moet deze verklaring aanvragen bij UWV of bij de gemeente.

Als u en de medewerker aan alle voorwaarden voldoen, mag u het loonkostenvoordeel voor deze medewerker vanaf het begin van de dienstbetrekking aanvragen, voor de duur van maximaal 3 jaar.

De hoogte van het loonkostenvoordeel is afhankelijk van het aantal verloonde uren, maar bedraagt maximaal € 2.000,-. De Belastingdienst betaalt de loonkostenvoordelen over 2018 in 2019 automatisch aan u uit als uit de aangiften loonheffingen over 2018 en de afgegeven doelgroepverklaringen blijkt dat u er recht op hebt. 

Wist u dat

  • ….wij de aanmeldingsformulieren voor medewerkers hebben gecombineerd met de Opgave gegevens voor de loonheffingen. U hoeft dus nog maar één formulier samen met de medewerker in te vullen.
  • ….wij voor u de dienstverlening uitvoeren en wij vanwege veiligheids- en privacyoverwegingen geen medewerkers te woord mogen staan. Wanneer zij contact met ons opnemen, kunnen wij hen niet verder helpen en zullen wij hen terugverwijzen naar u.
  • ….ziek- en herstelmeldingen binnen 4 werkdagen bij UWV binnen moeten zijn, anders krijgt u een boete van maximaal € 455,-.
  • ….per 25 mei 2018 de Algemene verordening gegevensbescherming van toepassing is. Vanaf die datum geldt in de gehele Europese Unie dezelfde privacywetgeving. U hoort van ons stap voor stap welke aanpassingen wij doen in de processen voor de salaris- en personeelsadministratie om aan de wetgeving te blijven voldoen.
  • ….u als werkgever verplicht bent uw medewerker te identificeren aan de hand van zijn identiteitsbewijs (geen rijbewijs). U dient een kopie hiervan in uw administratie te bewaren, inclusief de pagina waarop het BSN vermeld staat. Bij identiteitskaarten staat het BSN op de achterkant en voor de nieuwere paspoorten staat het BSN op de achterzijde van de geplastificeerde pagina. Op deze kopie mogen geen gegevens (zoals het BSN) onzichtbaar zijn gemaakt door de medewerker.
  • ….u ons ook moet informeren wanneer er een wijziging plaatsvindt bij een auto van de zaak.